home | nieuwsblad | informatie
Wetenschappelijk onderzoek
Laatste wijziging: 26-07-2021

Wetenschap is in het Engels Science dat afgeleid is van het latijnse "scientia" dat "kennis" betekent. In het Nederlands is het wetenschap, waarbij het dus om het weten gaat. Maar wanneer weten we iets en hoe bouwen we die kennis op?

En dat is nu precies waar het in de wetenschap om gaat. We doen een waarneming en formuleren daarbij een vraag. Het vinden van het antwoord op die vraag verloopt volgens de wetenschappelijke methode. Sir Francis Bacon wordt algemeen beschouwd als de vader van de wetenschappelijke methode. Belangrijk binnen de wetenschap is dat wetenschappelijke kennis ontstaat door door te bouwen op de kennis van anderen. Het principe achter de kennis in klassieke vorm is als volgt:

  1. Doe een waarneming
  2. Stel een vraag over de waarneming
  3. Formuleer een hypothese (mogelijk antwoord op de vraag)
  4. Maak een voorspelling op basis van de hypothese die testbaar (falcificeerbaar) is
  5. Test de voorspelling door meer waarnemingen of door testen
  6. Formuleer een conclusie gebaseerd op de testen
  7. Communiceer de resultaten (peer review)
deze procedure kan verschillende keren herhaald worden en uiteindelijk een theorie opleveren over het waargenomene. Een theorie is dus een hyothese die door testen en bewijzen onderbouwd is. Dat wil niet zeggen dat hij altijd waar is, maar wel dat hij onder gelijke omstandigheden bij herhaling dezelfde resultaten opleverde en dat er nog niemand is geweest die aangetoond heeft dat het niet waar is.

Je kunt bijvoorbeeld 10x een waarneming doen van een zilverkleurige vissen en daaruit de hypothese opstellen dat alle vissen zilverkleurig zijn. Als je dat dan test en tijdens de testen kom je alleen zilverkleurige vissen tegen, dan lijkt de hypothese waar. Als deze hypothese dan gepubliceerd is en er komt geen commentaar of alleen bevestigend commentaar op dan zou je zelfs de hypothese als theorie kunnen aannemen, tot het moment dat er een rode poon gevonden wordt, dan blijkt de theorie niet waar en moeten we een nieuwe hypothese opstellen. De hele procedure begint dan weer van voren af aan.

Wetenschap laat dus altijd de mogelijkheid open dat een verklaring voor een waarneming niet waar is. Als je kunt bewijzen dat een theorie onjuist is zal de wetenschap de theorie aanpassen. Natuurlijk gaat dit ook in de wetenschap niet altijd zonder slag of stoot. Er woeden soms felle discussies of de aangevoerde bewijzen wel deugen en of de manier van testen wel correct zijn verlopen. Ook dit hoort bij de wetenschappelijke methode, de peer-review is belangrijk. Peer-review is de beoordeling door gelijken. Andere kenners uit het vakgebied beoordelen de te publiceren resultaten of de gepubliceerde resultaten en soms worden de testen in andere laboratoria herhaald om te zien of daar dezelfde resultaten uit komen.

Meten is weten

Het gaat in de wetenschap vaak over getallen, lengte, breedte of aantallen. Bij bijna elke meeting is er een onnauwkeurigheid. Bij een meeting moet je dus afspreken wat de nauwkeurigheid is, hoeveel getallen achter de komma (of ervoor) ga je noteren. Noteer je de lengte van een haring als 6 cm of als 6,1 cm. Als je besluit om geen getallen achter de komma te noteren dan betekent dat dat de haring van 6 cm ergens tussen de 5,5 en 6,5 cm lengte geweest zou kunnen zijn. Als later deze getallen verwerkt worden in statistieken wil je soms weten of er werkelijk alleen maar vissen van 5, 6 en 7 cm gevangen zijn of dat we te maken hebben met de (on)nauwkeurigheid waarmee de metingen gedaan zijn. Om te zorgen dat later ook nog duidelijk is hoe we gemeten hebben noteren we bij een meeting ook de meetnauwkeurigheid, in dit geval dus 1 cm, omdat we afgerond hebben op hele centimeters. Zo kan je ook een meetnauwkeurigheid hebben van 0,5 cm en kan krijg je stappen van 5, 5,5, 6, 6,5, 7, 7,5, etc.

Bij aantallen gaat het soms over hele grote aantallen. Bijvoorbeeld het aantal garnalen dat gevangen is in een trek, dat zijn aantallen die bijna niet meer te tellen zijn. Het is dan vaak makkelijker (of pure noodzaak) om een schatting te maken. Om de schatting zo nauwkeurig mogelijk te maken tellen we een deel. Je telt bijvoorbeeld 50 garnalen en daar maak je een hoopje van. Daarna maak je van de overige gevangen garnalen hoopjes van gelijke grootte als het hoopje van de 50 garnalen en je telt het aantal hoopjes (de subsample factor). Je noteert dan bijvoorbeeld 26x50 als je 26 hoopjes van (ongeveer) 50 garnalen hebt.

2006 - 2021 strandvondsten.nl / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl