home | nieuwsblad | informatie
Een zee van chemicaliën
Laatste wijziging: 26-07-2021

Het water in meren en rivieren noemen we zoetwater, dat van de zee zoutwater, maar dat betekent niet dat het zoete water uit zuiver H2O bestaat. Zuiver water komt op natuurlijke manier bijna niet voor omdat er veel stoffen zijn die graag in water oplossen. In het hoofdstuk over water staat te lezen dat water een bipolair karakter heeft en dat dat de reden is dat andere stoffen graag in water oplossen.

Koolstofdioxide - CO2

Er is een evenwicht tussen de hoeveelheid CO2, koolstofdioxide, in de lucht en de hoeveelheid die opgelost is in het water. Als er meer CO2 in de lucht komt wordt er ook meer opgenomen in het water en omgekeerd. Koolstofdioxide kan als gas opgelost zijn in water, maar het gaat ook een evenwichtsreactie aan met water:
CO2 + H2O ⇌ H2CO3 ⇌ H+ + HCO3-
De evenwichtsreactie vindt plaats in 3 stappen, eerst lost koolstofdioxide gasvormig op in water, daarna vormt zich H2CO3 waarna dit zich splitst in HCO3- en H+-ionen. Deze laatste zorgen voor de verzuring van water. Daar maken we handig gebruik van in frisdranken om deze een frisse (zuurdere) smaak te geven. In zee betekent het dat de zee zuurder wordt en dat kalk er bijvoorbeeld makkelijker in oplost, wat vervelend is voor dieren die gebruik maken van kalk om er hun huisjes mee te bouwen.

Calcium - Ca

Calcium komt veel voor in de bodem en is een essentiële bouwstof voor bijvoorbeeld schelpdieren en koralen. Maar ook de botten van walvissen bestaan uit calcium. Calcium lost makkelijk op in water en vormt daarbij waterstof (gas):
Ca + 2H2O → Ca(OH)2 + H2
In de oplossing zal het calcium-ion zich vrij bewegen als Ca2+-ion en twee OH- zullen ook vrij ronddolen. Hiermee wordt het water basisch.

Kalk - Calciumcarbonaat - CaCO3

In de natuur is calcium meestal gebonden met carbonaat en vormt zo kalk in kalkzandsteen en mergel. Calciumcarbonaat lost niet goed op in water, vandaar dat schelpdieren hun huisjes vaak maken van calciumcarbonaat. Ook de botten van zoogdieren bestaan uit calciumcarbonaat. Onder de inwerking van een zuur zoals dat ontstaat bij de oplossing van bijvoorbeeld koolstofdioxide in water kan calciumcarbonaat wel oplossen in water:
CaCO3 + H2CO3 → Ca(HCO3)2
Ook hier zal in de oplossing Ca2+ als ion aanwezig zijn en 2 HCO3-
2006 - 2021 strandvondsten.nl / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl