home | nieuwsblad | informatie
Water
Laatste wijziging: 12-01-2018

Water bestaat uit 2 molekulen waterstof en 1 molekuul zuurstof om zo H2O te vormen. Omdat zuurstof vele malen zwaarder is dan waterstof trekt het de electronen van waterstof naar zich toe. Het gevolg is dat water een dipool is; het heeft een negatieve en een postieve kant. Andere elementen vinden dit heel prettig en lossen dan ook graag in water op. Hierdoor komt zuiver water bijna niet voor, er zijn vaak andere stoffen, zouten, in water opgelost.

Naast het feit dat andere stoffen graag in water oplossen heeft water nog andere bijzondere bijzondere eigenschappen. We gaan er in de verdere beschrijving vanuit dat we te maken hebben met zuiver water, dus alleen H2O en dat er geen andere stoffen in dit water zijn opgelost.

Zoals elke stof kent ook water 3 stadia: vast, vloeibaar en gasvormig. De vaste vorm noemen we meestal ijs, sneeuw of hagel. IJs onstaat als we water afkoelen beneden de 0°C, dit noemen we bevriezen. Er ontstaan dan ijskristallen. Omgekeerd dooit ijs bij 0° en vormt weer water. Het water blijft 0°C tot al het ijs gesmolten is. Als al het water vloeibaar is en de temperatuur blijft oplopen dan zal het water opwarmen. Bij 100°C verdampt water. Zolang nog niet al het water verdampt is blijft de temperatuur constant op 100°C. Dit is de temperatuur op zee-niveau. Water kookt in de bergen, bij een lagere druk, op een lagere temperatuur. Koelen we waterdamp af dan zal het water condenseren, het wordt dan weer vloeibaar, eerst in kleine druppeltjes die we vrij in de lucht kunnen zien als damp of mist en als deze kleine druppeltjes groter worden wordt het regen.

Een liter water neemt als gas meer ruimte in dan als vloeistof omdat er lucht zit tussen de water-molekulen. Koelen we de damp af zodat het vloeibaar wordt dan verkleinen we het volume, we zeggen dan dat de dichtheid, het aantal molekulen per m3, toeneemt omdat de molekulen dichter op elkaar zitten. De meeste stoffen hebben hun kleinste dichtheid bij de laagste temperatuur -273°C (0 Kelvin). Water is hierop een uitzondering. Water bereikt zijn grootste dichtheid bij 4°C. Bij hogere en lagere temperaturen zet water uit. Het gevolg isdat de vast vorm, ijs, drijft op de vloeibare vorm, water. En dit is voor ons maar goed ook anders zou ijs zinken naar de bodem van de oceaan en nooit meer ontdooien, met tot gevolg dat er elk jaar ijs bij komt en we een ijsplaneet over houden zonder vloeibaar water.

Bronnen

2006 - 2018 strandvondsten.nl / Commentaar, aanvullingen en suggesties: info@strandvondsten.nl